Elke ochtend komen de kunstenaars toe. Sommige met de stiptheid van de trein, andere met de wisselvalligheid van de kinderopvang. De een moet eerst koffie, de ander duikt meteen in wat ze de dag ervoor had laten liggen. Een groep mensen die een hele week lang op één plek werken en leven heeft zo zijn ritme, zijn gewoontes, zijn geur.

Wat zich tijdens the crip school in de Buda toren afspeelde lag besloten in de intimiteit van het atelier. Bij de een met de deuren open en de radio op bij een ander in de rust van de bovenste verdieping waar niemand zonder vragen binnen komt. Het publiek was er eigenlijk niet welkom, de nieuwsgierige blik van de passant lieten we maar toe wanneer de oefening ten einde was en het opwaaiend stof was gaan liggen.

Bij elk voorbereidend gesprek of atelierbezoek die voorafging aan the crip school had Honoré slechts het woord meegebracht, zijn lichaam en zijn denken. Zonder materie ontvouwde hij zijn wereld voor ons. Zonder massa leidde hij ons rond in de werkelijkheid. Dat maakte elke ontmoeting bijzonder en tegelijk ook heel herkenbaar.

Wanneer ik nu terugkijk naar de foto’s van die ontmoetingen valt het me op dat er wel telkens een object heel aanwezig was. De olifant-wipstoel op het Van Dale plein, de tafel op de binnenplaats van zijn atelier in Gent, de knikkers van “draaiboek voor de schatbewaarder” in het SMAK. Alsof hij telkens wel een sokkel nodig heeft om zijn denken op neer te leggen, een tastbare bolder waar hij zijn meertrossen kan aan vastmaken of lossen.

We hadden Honoré uitgenodigd om in de activiteit van de toren als metronoom te ageren. Elke dag om 18u stipt zou het publiek via hem inkijk krijgen in wat de toren overdag voor heb verborgen hield. In de voorbereidende gesprekken bleef die uitnodiging lang onbeantwoord (wel in het principe, niet in de manier waarop ze zou worden beantwoord). Tot hij me een paar dagen voor de start van the crip school belt met het blije nieuws dat hij net een drone heeft gekocht. Na een korte initiatie had hij meteen in St-Niklaas een tweedehands exemplaar aangekocht en het klink al meteen alsof hij een nieuwe puppy had geadopteerd uit het asiel.

Elke dag om 18u vormde zich een groep aan de voet van de toren.  De eerste dag liet Honoré ons in spanning tot iets voor zes zijn auto het terrein kwam opgereden. In de zomerse zon stapt hij uit zijn bestelwagentje met witte bollen. In zijn hand houdt hij een klein instrumentje vast die lijkt op een robot kever met spelden opgeprikt. Hij staat daar te glunderen met zijn nieuwe speeltje, ontvouwt ze en spreekt het groepje bezoekers toe. “Onze wereld heeft niet méér materie nodig maar net minder. Daarom wil ik tegenover de overvloed aan materie terug gaan naar een kunst met zo weinig mogelijk gewicht. Het bolletje isomo die ik jullie nu uitdeel moet zo ongeveer het allerminste beetje materie zijn die ik jullie kan geven en toch draagt het de hele wereld in zich.” Ondertussen vist iedereen een wit bolletje uit een confituurpotje. Zijn nieuwe huisdiertje zoemt ondertussen in stilstand tussen ons in. Hij is het nog niet helemaal meester maar waagt toch een eerste wandeling door de toren. Vol spanning volgen we hem. Als een rattenvanger van Hamelen zoemt de drone de trappenhal in gevolgd door een groep bezoekers die met het hoofd wat naar voor geduwd het toestel met hun ogen fixeren. Op elk niveau van de toren neemt de dronen nu de rol over van een gids. Zonder woorden maar met een penetrant gezoem als soundtrack vloeien we de ruimtes in en uit. Op die manier vangen we kort op wat daar gebeurt. Honoré neemt de tijd om met elk wat bij te praten of vragen te stellen maar het komt nooit echt tot een formeel gesprek. De bezoekers zijn ook niet vrij, ze hangen vast aan de drone. Dat blijven ze ook tot we op het dakterras van de toren aankomen. Daar vliegt de drone weg van ons. Hij neemt het geluid mee en vliegt over de stad. De stilte boven de groep bevrijdt ons van de betovering die ons aan de rattenvanger bond kijken we naar elkaar, naar de stad, naar de toren en denken we aan wat we zonet allemaal hebben doorkruist. De drone komt terug en Honoré verdeelt de speldjes met de isomo bolletjes die hij boven de stad was gaan “opladen” aan de elk van ons. We gaan naar huis met een piepklein beetje materie opgespeld. Maar dat kleine witte bolletje zit propvol ervaringen. Morgen kom ik terug!

Zo evolueerden de wandelingen van Honoré d’O dag na dag. Trouwe bezoekers maakten er een dagelijks ritueel van, anderen stapten pas later in of haakten af. Telkens werkte de drone als een  verbindende sonore ervaring. Ook al werd de introductie steeds verder uitgebreid met meer objecten en andere vormen van isomo bolletjes (van de auto naar een wereldbol), toch bleef de essentie van het dagelijkse ritueel die ervaring van de wandeling. Tijdens die wandeling keken we niet uitsluitend vanuit ons perspectief. Onze ogen waren verbonden met het irritant zoemende toestel en we volgden zijn ritme. We hebben dan de kunstenaars op elke verdieping wel ontmoet maar dat was altijd als “derde persoon”, nooit rechtsreeks. Alsof je met je hond gaat wandelen die komt een andere hond tegen. Dan kom jij ook wel dat baasje tegen. Maar toch altijd via de hond, onrechtstreeks. En dan komt die climax, bovenop de toren. De hond loopt weg en we staan daar samen, bevrijd van de leiband, met zich op de hele wereld rond ons. De drone vliegt terug onze richting uit geeft ons nog een laatste aandenken voor hij landt op een ronde spiegel op twee schragen. Een glasplaat van amper een centimeter dik waar je de hele wereld in kan zien!

onze wereld heeft niet méér materie nodig maar net minder

Deze website maakt gebruik van cookies. Door op ‘accepteren’ te klikken, ga je akkoord met ons privacybeleid.